Je loopt er vroeg of laat een keer tegenaan: processen die stroef lopen, samenwerking die hapert en veranderingen krijgen lastig voet aan de grond. Vaak ligt de oorzaak niet in de strategie of de structuur, maar in de organisatiecultuur. Maar hoe maak je dit nou meetbaar en bespreekbaar?
Het model van Hofstede is hiervoor een handige tool. Het laat zien hoe mensen effectief samenwerken binnen je bedrijf en wat je kunt verbeteren om als organisatie slimmer te werken, je mensen beter mee te krijgen en toekomstbestendiger te zijn.
De 7 kenmerken van een organisatiecultuur komen uit het model van Hofstede, Neuijen, Ohayv en Sanders. Dit model is ontwikkeld om organisatieculturen op een systematische en vergelijkbare manier in kaart te brengen. Elk bedrijf is uniek, maar bij elk bedrijf zijn er onderliggende culturele patronen die je kunt meten. Door deze patronen zichtbaar te maken, kun je als lerende organisatie bewuster keuzes maken in hoe je samenwerkt, leidinggeeft en verandert.
1.Procesgericht vs. Resultaatgericht
Procesgericht: Medewerkers volgen vooral vaste procedures. Hier van afwijken of fouten maken voelt onveilig.
Resultaatgericht: Het draait om het einddoel. Er is ruimte om te proberen, bij te sturen en af en toe een fout te maken. Door te struikelen leer je en wordt je tot nadenken aangezet, dat zul je als ondernemer vast ook herkennen.
Een resultaatgerichte cultuur stimuleert leren en verbeteren. Zeker in bijvoorbeeld een productieomgeving is het belangrijk dat mensen fouten durven maken en daarvan leren. Dat zorgt voor innovatie en continu verbeteren. Toen jij begon, maakte je andere fouten dan dat je nu doet, toch?
2.Mensgericht vs. Werkgericht
Mensgericht: Er is aandacht voor de persoon achter het werk: welzijn, motivatie en ontwikkeling.
Werkgericht: De focus ligt op output, vaak ten koste van persoonlijke groei.
Als medewerkers zich gezien voelen, blijven ze langer betrokken en gemotiveerd. Zeker in een krappe arbeidsmarkt is dit essentieel.
3.Organisatiegericht vs. Functiegericht
Organisatiegericht: Medewerkers voelen zich betrokken bij het hele bedrijf en denken mee over het grotere geheel.
Functiegericht: Medewerkers richten zich vooral op hun eigen functie of specialisme, zoals techniek of productie, en voelen zich minder verantwoordelijk voor wat er buiten hun eigen werkgebied gebeurt.
Voor een bedrijf dat wil groeien, is het belangrijk dat mensen niet alleen hun eigen werk goed doen, maar ook meedenken over het grotere geheel.
4.Open houding vs. Gesloten houding
Open houding: Nieuwe ideeën van buitenaf zijn welkom. Er wordt geleerd van klanten, partners en de markt.
Gesloten houding: De organisatie is naar binnen gekeerd. “Het gaat prima op de manier zoals we het altijd al hebben gedaan.”
In een technische markt die razendsnel verandert, moet je open staan voor vernieuwing. Anders loop je achter de feiten aan.
5.Strakke controle vs. Vrijheid
Strakke controle: Alles is dichtgetimmerd met regels, procedures en afvinklijstjes.
Vrijheid: Er is vertrouwen, ruimt voor eigen invulling en initiatief.
Teveel controle verstikt innovatie. Te weinig controle geeft chaos. De basis is vertrouwen en verantwoordelijkheid, maar ook eigen initiatief vanuit de medewerker.
In de praktijk werkt het vaak anders. Medewerkers houden zich sneller aan regels als het niet moét. Maar wél als ze snappen waarom die regel belangrijk is. Als ze de meerwaarde ervan inzien, worden medewerkers eerder gestimuleerd om zich eraan te houden. Ook moeten medewerkers zich kunnen vinden in de regel en het handig vinden werken.
6.Pragmatisch vs. Normatief
Pragmatisch: De klant staat centraal. Regels zijn een middel, geen doel.
Normatief: Interne regels en procedures zijn heilig.
Als je bedrijf echt wil groeien, moet je flexibel kunnen meebewegen met klantwensen en marktvraag. Dat vraagt om een pragmatische aanpak. “Doen we dit omdat het moet, of omdat het werkt?”
7.Intern gericht vs. Extern gericht
Intern gericht: De focus ligt op interne processen en overleg.
Extern gericht: Je kijkt ook verder dan je eigen bedrijf: naar klanten, concurrentie en de toekomst.
Een extern gerichte blik zorgt voor innovatie. Klantgerichtheid, marktinzicht en technologische vernieuwing ontstaan niet in een vergaderkamer, maar buiten je eigen bedrijfsmuren.

Een organisatiecultuur bestaat uit:
Mail ons zodat we kunnen kennismaken! Of laat je gegevens achter via het Contactformulier
Melissa Brinkhof of Ingobert Veen helpt u graag met de inrichting van uw bedrijf! Bel ons: 038- 452 88 33